07-08-25 het er niet over hebben
Er zweven al de hele dag gedachten door mijn kop, die met elkaar samenhangen. Maar ik weet maar vaag hoe. Ik ga het gewoon proberen. Wordt het niets dan haal ik het stukje weg en heb ik het er verder niet meer over.
De Volkskrant vergast zijn lezers elke zaterdag op een Magazine. Daaruit is bovenstaande kop afkomstig, een citaat van actrice Carice, geloof ik. Doet er ook niet toe, want wat kan mij het nou schelen dat ze na twee maanden last krijgt van moeilijke woorden.
Ik zweefde een beetje over het interview en vond niets wat ik echt zou willen lezen of weten. De foto's erbij zijn mooi, maar ik ken dit gezichtje al en zag er niets nieuws in. Niets wat ik niet al wist. Niets waarvan ik dacht: o wacht, ik moet toch beter kijken. Dit is gewoon haar vaste fotogezichtje.
Ik kan eigenlijk het Magazine wekelijks ongezien wegkieperen, het is de Libelle, maar dan slechter. Elke week samen met bekende mensen naar hun navel moeten staren, van mij hoeft het niet. Toch zijn het vaak mensen die ik in een andere setting interessante dingen heb zien doen. Waarbij ik geen moment nieuwsgierig werd naar hun graad van hypochondrie op een achternamiddag.
![]()
In diezelfde Volkskrant houdt Fouad Laroui, niet in het minst gehinderd door hypochondrie, een opvallend betoog. Laten we het er een tijd niet over hebben, stelt hij voor. Waarover? Over het geloof.
Samengevat: Wat iemand gelooft of niet gelooft is een intiem geheim, iets wat een ander niets aan gaat. Bovendien zijn het altijd vage, ongrijpbare identiteiten. Als iemand zegt dat hij christen of moslim of van welk boek dan ook is, zal er altijd wel iemand anders zijn die weet te vertellen dat hij geen 'echte' christen, moslim, enzovoorts is. Discussies over wie een ware christen, moslim, rastafari is, zijn daarom zinloos.
"Men zou kunnen tegenwerpen dat de gelovige de erkenning van anderen niet nodig heeft en dat hij weet wie hij is. Helaas is het gebruik van het werkwoord 'zijn' de bron van vele onlogische vergissingen. Misschien is dat woord wel de slechtste uitvinding van de mens. Door dat woord vergist de mens zich de hele tijd en uiteindelijk zet dat woord hem aan tot de verschrikkelijkste misdaden.
Geloven dat je iets bent maakt dat je niet meer steeds na hoeft te denken over wat je doet (actie ondernemen, keuzen maken), zo verhef je een deel van jezelf (een paar vage ideeën over God) tot iets absoluuts. En omdat het absoluut is, is daarover geen enkel vergelijk met anderen mogelijk. In het extreemste geval kan het leiden tot het zich afsluiten van de samenleving."
![]()
Dus pleit Laroui voor een vrijwillig meerjarig moratorium op geloofsverklaringen en ongeloofsverklaringen (een tijdlang er vrijwillig je mond over houden dus). En intussen doe je niets anders dan je best een goede burger te zijn en in harmonie met de anderen te leven.
Goed voorstel, vind ik.
![]()
Ik heb voor Alma de afgelopen jaren enorm veel gedichten gelezen. Ik heb hier al eerder uitgelegd hoe spannend het is, als je het omdraait: niet het gedicht de touwtjes in handen geven en bij jou bepaalde zaken op laten roepen, maar bewust bij de touwtjes die je zelf in handen hebt, passende gedichten zoeken. Door gedichten van heel veel verschillende mensen op die manier te lezen ondervond ik sterker dan anders dat bepaalde dichters zich graag in bepaalde gebieden van je ziel en je werkelijkheid ophouden. Daardoor, door die ontdekking, werd ik me bewuster van bepaalde hoeken en gaten van mijn ziel en werkelijkheid. In sommige van die hoeken en gaten was ik zelf ook nog nooit geweest. Spannend.
Maar ik ontdekte ook iets merkwaardigs. Er zijn dichters die zich op die manier niet of moeilijker laten lezen. Die je, als je op die manier naar gedichten zoekt, moeilijker toegang bieden tot hun werk. Ik zat over dat fenomeen na te denken en het heeft opvallend vaak te maken met het feit dat die dichters of schrijvers zelf meer bekendheid genieten dan hun gedichten of boeken. Of films.
Daardoor staan ze als persoon voor hun werk. Je leest ze vooral omdat je geïnteresseerd bent in de persoon. De dichter zelf is de zoekingang, niet wat hij te zeggen heeft. Het gedicht is het middel, de persoon van de dichter het doel.
![]()
Volkskrant Magazine komt vlot tegemoet aan die nieuwsgierigheid naar personen. Zo vlot zelfs, dat het werk van die personen er niet toe doet. Wie ze zijn is belangrijker dan wat ze doen of maken. Versta je dat 'zijn' in de duiding die Laroui aan het woord geeft, en verbreed je het tot alle terreinen - dus niet alleen het geloof - dan wil Volkskrant Magazine ons dus laten geloven dat wij wel weten wat een actrice is. Of een schrijver. Of een filmer. En de persoon die die actrice is weet ook wel dat ze actrice is en wat een actrice is en hoeft het er ook niet meer over te hebben. De persoon is de toegang tot haar werk geworden en weet dat. Ze heeft publiciteit nodig en dus trekt de actrice gewillig het bijbehorend gezichtje en hoopt dat daardoor meer mensen naar haar werk gaan kijken.
Of, zoals Laroui zegt: dus wordt niet meer nagedacht over wat je doet of de keuzen die je maakt. Want het belangrijkste is, is wat je bent.
![]()
Ik weet niet of ik duidelijk maak wat ik bedoel. Wat ik wel weet is, dat ik als 'consument' het eens ben met Fouad Laroui (ook als hij dat helemaal niet bedoelde). Niet wie of wat iemand is, is belangrijk. Maar wel wat hij doet en de keuzen die hij maakt. En ook de diepere drijfveer daarvan is in wezen niet belangrijk. Als hij die maar voor zichzelf weet en kent.
Er zijn dichters die me aanspreken en mij beter lijken te kennen dan ikzelf. Ze voegen aan mij iets toe. Toch weet ik van henzelf niets. En zij van mij ook niets. Houden zo.
Wij maken elkaar, raken elkaar in het gedicht. Zij zochten wat ik vond. Zij vonden wat ik zocht. En we wisten het niet van elkaar.