112

zondag 29 oktober

Een rustige en gesmeerd lopende ochtend. Huub heeft vannacht zelf een morfinezetpil genomen, zie ik. Hij moet dus erge pijn hebben gehad. En ik merkte niets, ik sliep.

Als ik hem ernaar vraag zegt hij: "Dat was ook niet nodig, om je wakker te maken. Je hebt je slaap hard nodig en dit kon ik alleen wel af. Anders maak ik je echt wel wakker." Okay.
Koffie, medicijnen, ik douche snel, zet boven alles klaar. Daarna onder de douche. Het lukt hem nog steeds om boven te komen, al zwabberen zijn benen en krijgt hij bijna geen lucht. We doen heel voorzichtig met het infuus.

Daarna pakt hij zelfs zijn laptop en tikt in bed een stukje voor de krant. Radio aan, Vroege Vogels, als vanouds het zondagochtendgevoel. De zomertijd is over. Ik verzet alle klokken. Een van onze klokken heeft vogels met vogelgeluiden. Elke keer weer een kunst, het goede geluid onder de juiste vogel te krijgen. De uil snatert als een gans, ik sta in mijn eentje hardop te lachen. Zoek weer naar de klem en de broek, waar zijn die toch, verzorg de bloemen. Huub is in slaap gevallen boven zijn computer. Het regent. Ik heb pijn in mijn rug. Maar het is een zoete ochtend.

Dan staat Willem's vrouw voor de deur. Ze is zo mooi om te zien. Alles glanst aan haar. Mooie kleren, hoedje, mooie ogen, helemaal in het zwart. Ze komt onze trouwfoto brengen. Hij is ontroerend mooi. Ik ben er heel erg blij mee. We schrijven samen een bedankkaartje voor Willem. Ik huil om die foto. Blijdschap, heimwee.

Het blijft lekker rustig en stil daarna. Huub ligt op de bank en slaapt. Wordt rond het nieuws van zes uur halfwakker. We eten wat soep en dan komt die enorme pijn Starwars verpesten, waar hij zich zo op had verheugd. Verdomme, die pijn trekt hem steeds zo omlaag, terwijl hij net zo ontspannen van de rust genoot.

Ergens vandaag zei ik, dat ik eigenlijk heel erg wanhopig ben. "Ja, ik ook", zegt hij. Verder niets. Ik streel hem. Hij pakt mijn hand vast en slaapt weer verder. Het is ook wanhopig.

achtergronden
alma
alma